Anthony Kumpen staat voor een druk autosportjaar waarin hij op verschillende niveaus wil presteren. Samen met teamgenoot Greg Franchi neemt Anthony Kumpen met een Audi R8 deel aan het gloednieuwe Belcar kampioenschap. Een tweede luik van het programma is de mythische 24u van Le Mans op 12 en 13 juni en het derde doel heeft alles te maken met de etmaalraces van Zolder en Francorchamps.

Belcar.

Ik ben bijzonder trots dat ik deel mag uitmaken van het gloednieuwe WRT team van zakenman Yves Weerts. Met Vincent Vosse hebben we een ervaren teammanager en René Verbist heeft als ingenieur een enorme ervaring, dat bewees hij onlangs nog in de Dakar waar hij aan de slag was voor het officiële en winnende VW team.

Het AUDI project spreekt mij enorm aan en de wagen bewees vorig seizoen zijn kwaliteiten. Daarenboven kunnen we rekenen op de steun van Audi en de Belgian Audi Club. WRT mag dan een nieuw team zijn, de structuur en de omkadering is zeer professioneel, indrukwekkend zelfs. Dit is één van de mooiste Belcar projecten van de voorbije jaren en ik wil er absoluut iets van maken. Samen met Greg start ik om te winnen, de titel is het ultieme doel.

24u Le Mans.

Deze wedstrijd gaat door op 12 en 13 juni. Het is nog even wachten maar ik kijk er nu al naar uit. Le Mans is de meest mythische, de meest tot de verbeelding sprekende wedstrijd die er is. Dankzij onze tweede plaats in het FIA GT kampioenschap van vorig jaar mogen we deelnemen aan deze uithoudingsrace. Samen met Mike Hezemans en nog een derde rijder starten we met een Corvette C6-R GT1.

Voor de algemene eindzege komen we niet in aanmerking, daarvoor zijn de proto’s te sterk maar we willen wel meedoen voor de zege in GT1. Van de laatste 6 edities won Corvette 5 keer in Le Mans. Een bewijs dat het mogelijk is, zeker met de steun van Corvette.

24u wedstrijden in België.

Vorig jaar won ik in de 24u van Francorchamps en ik zou wat graag dit jaar opnieuw deelnemen en als het even kan, opnieuw winnen. Maar het is nog even wachten tot het technisch reglement bekend. Pas dan kunnen we beslissen met welke wagen we starten.

In de 24u van Zolder wil ik op jacht gaan naar een vijfde eindzege. Deze wedstrijd staat los van het Belcar kampioenschap. We hoeven dus niet te rekenen in functie van het kampioenschap maar kunnen ons voluit focussen op de race.

Geen FIA GT.

Neen, en dat is enerzijds wel jammer want een WK rijden is toch altijd iets speciaal. Anderzijds ben ik zeer tevreden met het programma dat nu op tafel ligt. Heel gevarieerd en verschillende doelen. Van mij mag het kampioenschap nu van start gaan.

(kumpen)

Het KRK-Racing team van Kris Wauters, Raf Vanthoor en Koen Wauters is ook dit jaar present in het vernieuwde Belcar kampioenschap. Na de succescampagne van 2009, met 4 zeges en 3 poles hoopt het team het dit jaar minstens even goed te doen. KRK-Racing brengt zelfs drie wagens, drie nieuwe piloten en een nieuwe hoofdsponsor aan de start!

Het Belgian GT Championship is voorbij en wordt vervangen door de vernieuwde Belcar. Het tweede weekend van april start het kampioenschap op het circuit van Zolder, uiteraard met het vertrouwde KRK-Racing team. “Ik kijk nu al reikhalzend uit om opnieuw te racen” zegt Koen Wauters. “KRK-Racing wordt ook een beetje groter, we brengen niet twee maar drie wagens aan de start. Eentje voor mijn broer Kris, eentje voor Raf en eentje voor mezelf.”

Ambitieuze plannen voor KRK-Racing team dat dus drie Chrysler Dodge Vipers aan de start brengt. “Het is de bedoeling dat alle drie de rijders een toprijder naast zich krijgen,” zegt Raf Vanthoor. “Na afloop van vorig seizoen hebben heel wat rijders zich aangeboden om deel uit te maken van ons team. Op dit moment doen er heel wat namen de ronde van rijders die dit jaar met ons zullen rijden. Maar er zijn nog geen beslissingen genomen. ”

“We hebben daar nog even de tijd voor,” pikt Kris Wauters in.” Het seizoen start pas half april, we hebben dus nog even om alles te bekijken en geen overhaaste beslissingen te nemen. Op 30 maart lichten we onze plannen toe tijdens een persconferentie die zal plaatsvinden bij Viage, het gloednieuwe Entertainment Center in Brussel, en tevens onze nieuwe hoofdsponsor. ”

(krk)

Na drie seizoenen Belgian GT, krijgen we vanaf 2010 in ons land opnieuw een uithoudingskampioenschap voor GT-wagens met een klassiek klinkende naam, de Belcar. Het seizoen zal zes meetings tellen, met wedstrijden van 125 minuten tot 10 uur, netjes verdeeld tussen de omlopen van Spa-Francorchamps en Zolder. En opnieuw zien we een Aston Martin DBRS9 in de kleuren van Aston Martin Brussels op de startgrid verschijnen, maar 2010, zal en moet nog betere resultaten voor de mooie Engelse bolide brengen…

“In overleg met Aston Martin Brussels, rij ik dit seizoen met een snelle Vlaamse rijder, die bovendien regerend Belgisch GT-kampioen is, te weten Tim Verbergt”, legt Eddy Renard uit. “Voor mij is 2009 een leerjaar geweest, 2010 moet de bevestiging brengen. Op het einde van het vorige seizoen was de wagen niet enkel uiterst betrouwbaar, maar ook heel snel en een zege was al heel dicht bij. Het team onderstreepte ook mijn leercurve en daarom zetten het werk verder en mikken we voluit op een klassering in de voorste gelederen.”

Na heel wat jaren aan de zijde van Jean-François Hemroulle is Tim Verbergt nu dus klaar voor een nieuwe uitdaging. “Deze Aston Martin DBRS9 is een prachtige wagen waarmee we op het algemene podium in de eindafrekening moeten mikken. Maar ook in iedere race afzonderlijk zullen we keer na keer trachten vooraan te eindigen”, blikt Tim vooruit. “Net als bij Audi vorig jaar moeten we in functie van het team werken, in plaats van te mikken op individuele prestaties zoals een pole of een snelste rondetijd in de wedstrijd. Op 4 maart maak ik kennis met de wagen, op Circuit Zolder, en ik kijk er naar uit, want de Aston is en blijft één van de referenties in GT3.”

In de Belcar 2010, kan mogelijk ook een tweede Aston Martin ingezet worden. Hiervoor is het team nog in onderhandeling met diverse rijders. Zowel een tweede Aston Martin DBRS9 GT3, als een Aston Martin Vantage GT4 behoren tot de mogelijkheden. Ook de 24 Uur van Spa staat op het menu, na de positieve balans van afgelopen jaar. Met de aankondiging van heel wat projecten lijkt de Belcar een sterk kampioenschap te worden en Aston Martin Brussels is met de komst van regerende Belgische GT-kampioen en mogelijk een tweede wagen goed gewapend om zijn kans te gaan. De officiële presentatie, in de nieuwe kleuren, vindt eind maart in de concessie van Aston Martin Brussels plaats.

(aston martin)

Een jaar geleden, voor de start van het seizoen 2009, was de Belgian Audi Club maar wat trots om de nieuwe Audi R8 GT3 LMS aan het Belgische publiek voor te kunnen stellen. Het doel was duidelijk: de mooie GT uit Ingolstadt promoten in België in de hoop privéteams warm te maken om deze wagen vanaf 2010 in te zetten. Een jaar later mag deze missie als geslaagd beschouwd worden! Niet enkel behaalden Tim Verbergt en Jean-François Hemroulle de Rijderstitel in de Belgian GT 2009, de Belgian Audi Club zal nu ook effectief Belgische rijders kunnen steunen die in 2010 met deze Audi R8 GT3 LMS aan Belgische wedstrijden zullen deelnemen.

Inderdaad, de Belgische structuur WRT bevestigde zijn deelname met twee Audi’s R8 GT3 LMS aan de Belcar, de oorspronkelijke benaming van het Belgisch Kampioenschap voorbehouden aan GT-wagens. Bovendien pakt het team, dat wordt geleid door zakenman Yves Weerts, ingenieur René Verbist en piloot Vincent Vosse, uit met twee rijdersduo’s van topniveau.

“Onze eerste betrachting was het aantrekken van vier goede rijders“, aldus Vincent Vosse, die zich in 2010 hoofdzakelijk zal concentreren op het management van het nieuwe team en minder tijd zal investeren in zijn sportieve carrière. “Met enerzijds Bert Longin en François Verbist en anderzijds Anthony Kumpen en Grégory Franchi, denk ik dat we erin geslaagd zijn om twee topduo’s vast te leggen die vooraan mee moeten kunnen strijden voor de titel. Ik ben ook bijzonder blij met de steun van Audi Import en dit via de Belgian Audi Club. De relatie met J.G. Mal-Voy, die ik goed ken sinds ik als piloot in ’95, ’96 en ’97 voor de Club uitkwam, is excellent. Ik ben er zeker van dat zijn ervaring en zijn contacten met Audi Sport tijdens het seizoen zeker van pas zullen komen.“

Ook bij de piloten enkel positieve geluiden. Na een carrière in de eenzitterij (hij behaalde een podiumplaats in de Grote Prijs van Monaco in de FR 3.5) en een seizoen in de FIA-GT, kijkt Grégory Franchi (27 jaar) uit naar de start van het seizoen. “Toegegeven, ik ben ongeduldig“, lacht de Luikenaar. “Vorig seizoen opteerde ik voor een sabbatjaar omdat ik geen mogelijkheid zag om een kampioenschap af te werken in een goede context. Toen Vincent me echter vertelde van zijn ambitie om een team uit de grond te stampen, twijfelde ik geen ogenblik. Ik heb me dan ook volledig toegelegd op het Audi project. Anthony en ikzelf zullen een uitstekend team vormen en ik kijk al vol ongeduld uit naar de eerste keer dat ik achter het stuur kruip.“

Een enthousiasme dat wordt gedeeld door Anthony Kumpen (31 jaar): “Ik vind het alvast een van de meest professionele Belcarprojecten van de afgelopen jaren”, erkent de Hasselaar. “Ondanks het feit dat het om een nieuw team gaat, merk je dat Vincent Vosse, René Verbist en Yves Weerts er een zeer professionele autosportvisie op nahouden. Kunnen rekenen op de steun van de invoerder en de Belgian Audi Club, dat zo een prestigieus verleden heeft in de Belgische autosport, is ook een bewijs van kwaliteit. En ook Greg, mijn ploegmaat, hoeft zijn snelheid niet meer te bewijzen. Het mag duidelijk zijn: wij gaan in 2010 resoluut voor de titel!”

Terwijl Anthony en Grégory pas voor het eerst samen op pad gaan, is dit niet het geval voor de bemanning van de tweede wagen. “Bert en ik verstonden elkaar perfect vorig jaar toen we een Porsche deelden”, benadrukt de uit Bergen afkomstige François Verbist (26 jaar). “Ik wilde dus maar al te graag terug samen met hem aan de slag en samen een stapje hoger gaan, iets wat ik sinds mijn debuut altijd heb geprobeerd. Los van het feit dat mijn vader een van de drie leidinggevende figuren is van WRT, was de Audi voor Bert en ikzelf al snel de meest interessante optie. Ik weet dat het team goed werk zal leveren en dat de Audi R8 LMS snel is. Ik apprecieer ook het feit dat ik steun krijg van de Belgian Audi Club. Het ziet er dus prima uit!”

Hij nam het in 2009 geregeld op tegen de Audi R8 GT3 LMS, dus moet Bert Longin (44 jaar) niet meer overtuigd worden van de kwaliteiten van de wagen. “Deze racewagen ging al meteen heel snel”, herinnert zich de Leuvenaar. “Maar ook naast het circuit is het een auto die je gedachten doet op hol slaan. Verschillende vrienden rijden met een Audi R8 en vinden het fantastisch dat ik dit jaar met deze schitterende wagen ga racen. Daarenboven start ik het seizoen in een uiterst professionele context en kan ik terug rekenen op François. Hij is niet alleen snel en sympathiek, hij staat ook met beide voetjes op de grond. Ik denk dat we in 2010 opnieuw een mooi seizoen tegemoet gaan.”

Op 7 april stelt de Belgian Audi Club zijn programma officieel voor. Tijdens het weekend van 10 en 11 april wordt dan in Zolder het seizoen op gang geschoten met een race over 150 minuten. Daarna trekken de deelnemers van de Belcar 2010 naar Francorchamps. Eerst op 4 en 5 juni (150 minuten), vervolgens op 9 en 10 juli (3 uren) en tot slot op 18 en 19 september (4 uren). Het seizoen eindigt met twee wedstrijden in Zolder op 19 en 20 oktober (125 minuten) en de 10 Hours of Zolder op zaterdag 13 november.

(audi)

Hoe blik je nu, enkele weken na afloop van het seizoen, op het autosportjaar 2009 terug?

Rudi Penders: “Het antwoord is uiteraard dat het voor ProSpeed Competition een schitterend jaar was. We wonnen dit seizoen de titel in FIA GT2, de 24 Uur van Zolder en de Porsche Manufacturers Cup in FIA GT3, dus de balans laat zich enorm aangenaam lezen, dat spreekt voor zich. Maar zelf neem ik al wat meer afstand van de races om te analyzeren en conclusies te trekken. Ik weet dat we nu al moeten werken om onze prestaties in 2010 te herhalen en de positieve lijn verder door te trekken. Een van mijn meest belangrijke vaststellingen is dat we als team enorm gegroeid zijn en dan vooral in de diepte en dat is meteen ook een enorme voldoening. Alles wat we deden, werd beter, we tilden onszelf naar een hoger niveau, daar waar we de voorbije jaren vooral in de breedte groeiden. In FIA GT2 hebben we topteams als AF Corse, BMS of CRS moeten verslaan om de titel met Richard binnen te halen en dat kan niet als je niet gewoon top bent.

Maar dat afstand nemen, liet me ook toe andere gebeurtenissen in perspectief te zien. Ik stel me na afloop van het seizoen vragen bij de onderlinge verhoudingen tussen de FIA, de constructeurs en de teams. De diskwalificatie van de Porsche-teams in Spa, naar aanleiding van het probleem met de legering van de cilinderbussen, heeft me aan het denken gezet. De driehoeksverhouding – FIA, constructeurs en teams -, die ontegensprekelijk noodzakelijk voor onze sport is, is vandaag evenwel niet volledig in evenwicht. Onze ervaring, maar ook het meer recente geval van Corvette en PK Carsport, vertrekt vanuit een (administratief) probleem tussen de constructeur en de FIA, terwijl het de teams zijn die het volle sportieve en financiële gelag betalen. Dat klopt toch niet? De bevoegde autoriteiten moeten die scheefgegroeide situatie weer rechtzetten en aanpassen aan de omstandigheden van vandaag, dat wil concreet zeggen aan een kampioenschap waar de constructeurs niet meer actief aan deelnemen. FIA GT2 is een kampioenschap voor privéteams, met al dan niet de steun van een constructeur.

Wat zijn de hoogte- en laagtepunten van het voorbije seizoen voor ProSpeed Competition?

Rudi Penders: “Het hoogtepunt was ontegensprekelijk de rijdertitel met Collard- Westbrook in FIA GT2, dat spreekt voor zich, terwijl het sportieve dieptepunt voor mij de 24 Uur van Spa was, onze legendarische thuisrace. We kenden daar ons deel van de pech en waren waarschijnlijk dat weekend ook niet goed genoeg om voor de zege te gaan en dat is iets wat we in 2010 absoluut willen rechtzetten.”

Hoe kijk je op dit ogenblik naar 2010, met toch zowel nationaal als internationaal heel wat ingrijpende wijzigingen?

Rudi Penders: “Inderdaad, laten we starten op internationaal niveau waar de FIA GT2 het Europese GT-kampioenschap wordt. FIA GT2 draait vandaag voornamelijk rond een duel tussen Ferrari en Porsche en dat zal in 2010 waarschijnlijk veranderen. We verwachten meerdere merken die zich met de huidige spelers komen meten en dat is een goede zaak, ten minste als die nieuwe merken zich aan de regels van het spel houden en dus conform het technisch reglement zijn.

Voor wat betreft de FIA GT3 is er vooral de komst van de nieuwe Porsche 911 GT3 R, waarvan wij er twee in het kampioenschap zullen inzetten. De Porsche 911 GT3 R wordt de nieuwe referentie in GT3, geloof me. Ik hoop dan ook van harte dat we met enkele toppers uit ons eigen land Europees vooraan kunnen meedraaien. De beide wagens zullen ook in ons eigen land ingezet worden, met name in de nieuwe Belcar Endurance, het kampioenschap dat er in 2010 aankomt. Het is een goede evolutie dat het reglement in ons land in de breedte weer vrijer wordt, want de economische realiteit wees ons er op dat GT3 pur sang niet voor ons land weggelegd was. GT3 moet de topklasse blijven, maar het veld moet groter worden, dat is een evidentie. Ik hoop op een evenwichtig reglement en meerbepaald hoop ik dat de promotoren en de RACB het Europese GT3-reglement volgen voor wat de topwagens betreft, zonder gewik en geweeg, zonder eigen interpretaties. Als dat het geval is, komt ProSpeed Competition terug naar de Belgische omlopen.

Zo zijn meteen ook bijna al onze plannen voor 2010 bekend, met name FIA GT2, FIA GT3 en Belcar Endurance. Want we werken ook hard om terug in Le Mans aan de start te verschijnen, tien jaar nadat ik met Kurt Dujardyn en de betreurde Philip Verellen zelf aan de race deelnam en we vijfde in onze klasse werden.

Rest er me enkel nog al onze partners en medewerkers een schitterend sportief 2010 te wensen.

(prospeed)

Speedworld Promotion heeft de grote lijnen van het nieuwbakken Belcar Endurance Championship uitgeschreven. In samenspraak met RACB Sport kwam de promotor tot een principieel akkoord. De scherpe kantjes dienen nog te worden afgerond, maar de tekst in bijlage biedt reeds veel duidelijkheid.

Hans Van de Ven kreeg samen met zijn Speedworld Promotion team een harde noot te kraken om de Dunlop Sport Maxx Endurance Cup en de BGTC om te toveren naar een voor alle teams aanvaardbaar Belcar Endurance Championship.

“Het heeft veel energie gekost, maar we zijn naar mijn mening samen met RACB Sport tot een goed compromis gekomen”, steekt Van de Ven van wal.

“Het is steeds mijn bedoeling geweest om alle DSMEC-teams en piloten opnieuw aan de bak te laten komen, en dat is aardig gelukt. De GT3’s vormen de “Koninginneklasse” van het Belcar Endurance Championship. Maar we bieden ook de kans om de uitgehomologeerde GT3-wagens terug aan de start te krijgen zonder dat ze zware investeringen moeten doen om hun bolides te upgraden. Zij worden ondergebracht in een aparte categorie, de GT3/B. Het is momenteel een beetje koffiedik kijken wat de reactie zal zijn, maar ik ben ervan overtuigd dat de occasiemarkt voor GT3-wagens alsmaar groter wordt. Door deze wagens nog verder te kunnen inzetten in Belcar bieden we aan teams de mogelijkheid te investeren in nieuw materiaal zonder dat de “oude” wagen ergens onder een zeil in een garage terecht komt”.

“Ook de GT4 en Supersport (GT4 Light) worden opgenomen in het Belcar Endurance Championship. GT4 apart laten rijden is volgens ons een onbegonnen zaak. Ze opnemen in het Belcar Endurance Championship was de enige mogelijkheid. Zeker niet de beste optie, maar als de beste optie financieel niet haalbaar is ben je vlug uitgepraat”.

“Belangrijk voor ons is de Klasse GT Open die wordt opgesplitst in min en plus 3500cc. Zo kunnen we alle GT-wagens uit onze vroegere Klassen 1 en 2 laten rijden in de Klasse +3500cc. En in de Klasse –3500cc komen de kleine GT’s terecht zoals de Saker, de Audi TT en andere Westfields.
De opgelegde normtijd voor de snelste ex-Belcar en ex-DSMEC-wagens is zeer aanvaardbaar. Met een dergelijke normtijd kunnen ze wel in aanmerking komen voor een podium of zelfs een overwinning. Ik weet wel dat sommigen raar zullen opkijken als ze zien dat de “normtijd” weer zijn intrede doet. Maar als ze de tijden van vorig erbij halen zal iedereen snel merken dat ze wel heel erg hard zullen moeten trappen om überhaupt aan de normtijd te geraken…”

“De Divisie Toerisme blijft behouden zoals ze was in de DSMEC, weliswaar rekening houdend met een minimumgewicht. Maar naar 2011 toe moet er voor Belcar en BTCS een eenvormig Toerisme-reglement komen”.

“Overigens is sinds maandag bekend dat Michelin huisleverancier wordt voor zowel het Belcar Endurance Championship als de BTCS”.

“Ik ben van mening dat we ons huiswerk goed hebben gemaakt en dat we rekening hebben gehouden met de ganse waaier aan wagens en teams die vorig seizoen in één van de drie kampioenschappen reden”.

Het zal overigens het oude DSMEC-team van Hans Van de Ven zijn dat zich zal ontfermen over de praktische gang van zaken in het Belcar Endurance Championship. Terwijl het team van Christian Lahaye zich bezig houdt met de BTCS.

“Vanaf nu worden beide kampioenschappen gerund door Speedworld Promotion. Hoe graag sommigen het ook zouden willen, beide kampioenschappen staan niet in concurrentie tot elkaar maar moeten een aanvulling zijn op elkaar. Waar Belcar staat voor endurance staat BTCS voor semi-sprint. Het actieterrein van Speedworld Promotion wordt zelfs nog uitgebreid. SWP zal in de volgende weken ook een samenwerkings-overeenkomst ondertekenen met Circuit Zolder om de Belgian Race Kick Off met vereende krachten te organiseren”, besluit een tevreden Hans Van de Ven.

(speedworld)